ECLI:NL:PHR:2005:AR7605
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt deel veroordeling inzake opslag visafval en kipafval zonder vergunning
De zaak betreft een veroordeling van een rechtspersoon wegens het zonder vergunning opslaan van visafval en kipafval, overtredingen van de Destructiewet en de Wet milieubeheer. Het hof had geoordeeld dat visafval was opgeslagen en dat kipafval als gespecificeerd hoog-risico-materiaal werd gehouden zonder de juiste vergunning. Tevens werd medeplegen aangenomen en een verandering van de inrichting vastgesteld.
De verdediging stelde dat er geen sprake was van opslag maar van overslag van visafval, dat kipafval niet ongeschikt was verklaard voor menselijke consumptie en dat de bewezenverklaringen onvoldoende waren gemotiveerd. Het hof verwierp deze verweren, maar de Hoge Raad oordeelde dat het hof onjuist had geoordeeld over het gespecificeerd hoog-risico-karakter van het kipafval en onvoldoende had gemotiveerd waarom medeplegen en verandering van inrichting bewezen waren.
De Hoge Raad vernietigde daarom het arrest voor zover het betrekking had op de bewezenverklaringen en straffen met betrekking tot het kipafval en de medeplegen, en verwees de zaak voor die onderdelen terug naar een ander hof voor hernieuwde behandeling. De bewezenverklaring dat visafval werd opgeslagen werd door de Hoge Raad niet onjuist bevonden.
De uitspraak verduidelijkt de interpretatie van opslag in de Destructiewet, het belang van juiste kwalificatie van materiaal als hoog-risico, en de vereisten voor bewijs van medeplegen en verandering van inrichting bij milieuvergunningen.
Uitkomst: Hoge Raad vernietigt het arrest voor een deel van de bewezenverklaringen en verwijst de zaak terug voor hernieuwde behandeling.