ECLI:NL:PHR:2005:AR6656
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt zuivere aanvaarding nalatenschap door verkoop woning
In deze zaak stond centraal de vraag of eiseres de nalatenschap van haar echtgenoot zuiver of beneficiair had aanvaard. Eiseres was gehuwd onder huwelijkse voorwaarden en samen bezaten zij de woning voor de helft ieder. Na het overlijden van haar echtgenoot verkocht eiseres de gehele woning, waarna zij een verklaring van beneficiaire aanvaarding aflegde.
De bank, crediteur van de overleden echtgenoot, had beslag gelegd op diens helft van de woning en ontving betaling na verkoop. Eiseres vorderde terugbetaling van een deel van de opbrengst wegens onverschuldigde betaling, stellende dat alleen de helft van de woning onder het beslag viel.
De rechtbank en het hof oordeelden dat door de verkoop van de gehele woning vóór de beneficiaire aanvaarding eiseres zich als zuiver erfgenaam had gedragen, waardoor de beneficiaire aanvaarding geen rechtsgevolg had. De Hoge Raad bevestigde dit oordeel en verwierp de klachten van eiseres, waaronder dat de notariële verklaring eenzijdig was en dat de bank onrechtmatig had gehandeld.
De Hoge Raad benadrukte dat een erfgenaam door een beschikkingsdaad over nalatenschapsgoederen stilzwijgend zuivere aanvaarding kan doen, en dat de beneficiaire aanvaarding die daarna volgt geen rechtskracht heeft. Tevens werd geoordeeld dat de bank niet onrechtmatig handelde door executie te voeren en betaling te ontvangen.
De vordering van eiseres tot terugbetaling en immateriële schadevergoeding werd afgewezen, en het arrest van het hof werd bekrachtigd.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt dat eiseres de nalatenschap zuiver heeft aanvaard en wijst haar vorderingen af.