ECLI:NL:PHR:2005:AR6171
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt dat voorbehoud tot koopprijscorrectie aandelenoverdracht instemming wederpartij vereist
In deze zaak staat centraal de vraag of de koper, Utimaco Safeware A.G., gehouden is tot een aanvullende betaling aan D&R Holding B.V. vanwege een vordering van D&R Software BV op PTT Post die niet in de koopprijs was verdisconteerd.
Partijen sloten een overeenkomst tot aandelenoverdracht waarbij de koopprijs was gebaseerd op een balans van 30 juni 1997. Tijdens de onderhandelingen ontstond onduidelijkheid over een PTT-vordering die niet in de balans was verwerkt. D&R Holding stelde dat hierover een voorbehoud was gemaakt dat een latere aanpassing van de koopprijs mogelijk maakte, terwijl Utimaco dit ontkende.
De rechtbank en het hof oordeelden dat een dergelijk voorbehoud niet expliciet of impliciet door Utimaco was aanvaard. De Hoge Raad bevestigt dat een voorbehoud dat leidt tot een koopprijscorrectie achteraf instemming van de wederpartij vereist, en dat deze instemming ontbrak. De vordering van D&R Holding tot aanvulling van de koopprijs wordt daarom afgewezen.
Uitkomst: De Hoge Raad wijst de vordering tot koopprijscorrectie af wegens het ontbreken van instemming met het voorbehoud.