ECLI:NL:PHR:2004:AO6998
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vernietiging arrest hof over verdeling huwelijksgoederengemeenschap en pensioenverrekening
Partijen, een man en een vrouw, zijn gescheiden en in geschil over de verdeling van hun ontbonden huwelijksgoederengemeenschap. De rechtbank had een verdeling vastgesteld waarbij de man een bedrag aan de vrouw moest betalen. Het hof vernietigde dit deels en veroordeelde de man tot een hoger bedrag.
De man stelde cassatieberoep in tegen het arrest van het hof, stellende dat het hof fouten had gemaakt in de verrekening van schulden en betalingen, met name met betrekking tot een borgtochtsschuld en betalingen aan een bank. De Hoge Raad oordeelde dat het hof onbegrijpelijk had nagelaten bepaalde bedragen mee te nemen en dat de berekening van het te betalen bedrag onjuist was.
Daarnaast was er discussie over de verrekening van het bijzonder nabestaandenpensioen van de vrouw. De Hoge Raad bevestigde dat dit pensioen aan de vrouw toebehoort en dat de contante waarde ervan, evenals die van het ouderdomspensioen van de man, in de verrekening moet worden betrokken.
De Hoge Raad vernietigde het arrest van het hof voor zover de man was veroordeeld tot betaling van EUR 2.836,63 en bepaalde dat de vrouw aan de man een bedrag van EUR 238,77 moet betalen. Het incidentele cassatieberoep van de vrouw werd verworpen.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt gedeeltelijk vernietigd en de vrouw wordt veroordeeld tot betaling van EUR 238,77 aan de man.