ECLI:NL:PHR:2004:AK8413
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt alimentatieplicht na hertrouwen ondanks motief voor WUV-uitkering
De zaak betreft een alimentatiegeschil tussen een man en vrouw die twee keer met elkaar zijn gehuwd, waarbij het tweede huwelijk is aangegaan met het oog op het verkrijgen van een WUV-nabestaandenpensioen voor de vrouw. Na de tweede echtscheiding vorderde de vrouw alimentatie. De rechtbank wees dit af, maar het hof stelde een alimentatiebedrag vast. De man stelde cassatie in tegen deze beslissing.
De Hoge Raad bevestigde dat de alimentatieplicht voortvloeit uit de levensgemeenschap die door het huwelijk wordt geschapen, ongeacht het motief van het huwelijk. Ook een huwelijk dat uitsluitend is aangegaan om een nabestaandenpensioen te verzekeren, leidt tot een onderhoudsplicht bij ontbinding.
Daarnaast oordeelde de Hoge Raad dat het hof voldoende rekening had gehouden met de draagkracht van de man, ondanks klachten over de motivering. Nieuwe feiten konden in cassatie niet worden meegenomen. De aanvullende klachten over de nieuwe partner van de vrouw werden niet ontvankelijk verklaard.
De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde daarmee het oordeel van het hof dat de man aan de vrouw alimentatie moet betalen.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de alimentatieplicht van de man aan de vrouw blijft bestaan.