ECLI:NL:PHR:2003:AI0371
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt faillissement PMC Venture Capital wegens onvoldoende tegenvordering en paulianeuze overeenkomst
PMC Venture Capital (PMC) werd door het hof in staat van faillissement verklaard op basis van vorderingen van Exhibit Factory (EF) en de curator. PMC voerde verweer met een tegenvordering van circa €190.400, gebaseerd op een kort voor het faillissement gesloten overeenkomst. Het hof oordeelde dat deze tegenvordering hoogst onwaarschijnlijk zou worden gehonoreerd, mede vanwege een verklaring van een ondertekenaar die stelde dat PMC geen werkzaamheden had verricht die betaling rechtvaardigden.
Verder achtte het hof het aannemelijk dat de regresvordering van de curator deels zou worden toegewezen, omdat EF een schuld aan de Rabobank had overgenomen zonder tegenprestatie, waardoor EF een regresvordering op haar debiteuren verkreeg. Het hof vond ook dat EF aanzienlijke vorderingen op PMC had die waarschijnlijk niet volledig betaald zouden worden.
PMC stelde dat het hof onvoldoende aandacht had besteed aan haar tegenvorderingen en de omvang daarvan, maar de Hoge Raad verwierp deze klachten. De Hoge Raad benadrukte dat het faillissementsrecht niet vereist dat alle feiten en vorderingen tot in detail worden onderzocht bij de faillissementsverklaring en dat summier bewijs voldoende kan zijn. De overeenkomst vlak voor het faillissement werd als paulianeus beoordeeld, waarbij het vermoeden van wetenschap van benadeling van schuldeisers geldt.
Uiteindelijk bevestigde de Hoge Raad het arrest van het hof en verklaarde het cassatieberoep van PMC ongegrond, waarmee het faillissement van PMC werd bekrachtigd.
Uitkomst: Het cassatieberoep van PMC Venture Capital wordt verworpen en het faillissement wordt bevestigd.