ECLI:NL:PHR:2003:AF2677
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid reder voor onbekwaamheid kapitein en onzeewaardigheid schip
Deze zaak betreft de aansprakelijkheid van de reder en kapitein van het schip "Quo Vadis" voor averij-grosse hulploon na motorschade veroorzaakt door het niet sluiten van de luchtinlaat tijdens een storm. De eiseres, als goederentransportverzekeraar, vordert verhaal op de reder wegens onzeewaardigheid van het schip bij aanvang van de reis.
De Rechtbank en het Hof oordeelden dat het schip in technisch opzicht zeewaardig was, maar dat de kapitein een ernstige inschattingsfout maakte door de luchtinlaat niet te sluiten. Deze fout werd echter niet aangemerkt als een structureel gebrek aan bekwaamheid, maar als een incidentele inschattingsfout. Het Hof vond onvoldoende bewijs voor onbekwaamheid, mede omdat geen eerdere incidenten of onderzoeken tegen de kapitein bekend waren.
De Hoge Raad bevestigt dat de zorgplicht van de vervoerder ook het behoorlijk bemannen van het schip omvat, maar dat een enkele inschattingsfout niet automatisch duidt op onbekwaamheid. De motie van de kapitein om de luchtinlaat als noodmaatregel te zien, werd niet als onredelijk beoordeeld. Het beroep van eiseres wordt verworpen, waarmee de aansprakelijkheid van de reder wegens onbekwaamheid niet is vastgesteld.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen; de kapitein werd niet onbekwaam geacht en het schip was niet onzeewaardig bij aanvang van de reis.