ECLI:NL:PHR:2003:AF1791
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Ontbinding koopovereenkomst motorschip wegens afwijkende brandstoftankcapaciteit
De zaak betreft de ontbinding van een koopovereenkomst tussen [verweerder] en VDL over een motorschip waarvan de brandstoftankcapaciteit niet overeenkwam met de overeengekomen 5.000 liter, maar slechts 3.500 liter bedroeg. [Verweerder] ontbond de overeenkomst en vorderde terugbetaling van de koopsom en bijkomende kosten. VDL betwistte dit en stelde onder meer dat sprake was van een vergissing en dat de afwijking niet wezenlijk was.
De rechtbank wees de vordering van [verweerder] af, maar het hof Den Bosch oordeelde dat VDL tekortgeschoten was en dat ontbinding gerechtvaardigd was vanwege de aanzienlijke afwijking die de bruikbaarheid van het schip voor lange zeereizen aantastte. Het hof stelde dat ingebrekestelling niet nodig was omdat nakoming blijvend onmogelijk was.
VDL kwam in cassatie met klachten over de gerechtvaardigdheid van de ontbinding en de kosten van reparatie van de waterzuiveringsinstallatie. De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep, bevestigde het oordeel van het hof en oordeelde dat VDL niet te goeder trouw was omtrent de tankcapaciteit. Ook de klacht over de waterzuiveringsinstallatie faalde wegens onvoldoende onderbouwing en feitelijke noviteiten.
De Hoge Raad veroordeelde VDL in de proceskosten en bevestigde de ontbinding van de koopovereenkomst.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep van VDL en bevestigde de ontbinding van de koopovereenkomst wegens tekortkoming in de brandstoftankcapaciteit.