ECLI:NL:PHR:2002:AE8173
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over voorwaardelijke betalingsverplichting bij verkoop en lease auto
In deze zaak draait het om de interpretatie van een bijzondere bepaling in een koop- en leaseovereenkomst tussen The Red Bull B.V. en Autolease Rora B.V. The Red Bull verkocht een Mercedes aan Rora, die deze auto vervolgens leaste aan een derde. De betaling van de koopsom was deels afhankelijk gesteld van de overgang van het leasecontract naar een nieuwe B.V. van de lessee. Toen deze overgang niet plaatsvond en de lessee failliet ging, ontstond discussie over de opeisbaarheid van het resterende bedrag.
De rechtbank oordeelde dat de betalingsverplichting niet voorwaardelijk was, maar het hof stelde dat er sprake was van een voorwaardelijke verplichting die afhankelijk was van acceptatie van een nieuwe B.V. als debiteur. The Red Bull stelde dat zij geen borg had gesteld en dat de betaling afhankelijk was van een toekomstige, onzeker voorwaarde. Rora betoogde dat er sprake was van borgstelling en dat zij schade had geleden.
Het hof vernietigde eerdere vonnissen en wees de vordering van The Red Bull af, omdat onvoldoende duidelijk was waarop de vordering was gebaseerd en de voorwaarde niet was vervuld. De Hoge Raad bevestigde het oordeel van het hof en verwierp het cassatieberoep van The Red Bull, waarbij werd benadrukt dat het hof de stellingen van partijen juist had geïnterpreteerd volgens de Haviltex-maatstaf.
Uitkomst: De Hoge Raad wijst het cassatieberoep af en bevestigt dat de resterende betalingsverplichting voorwaardelijk was en niet opeisbaar.