ECLI:NL:PHR:2002:AE2381
Parket bij de Hoge Raad
- D.W.F. Verkade
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt toepasselijkheid vervalbeding in arbitragereglement ondanks procedure bij gewone rechter
In deze zaak tussen Farmerhoeve B.V. en [verweerder] staat centraal de vraag of het vervalbeding uit het arbitragereglement van de Bond van KWPN Hengstenhouders van toepassing is, ondanks dat partijen hun geschil aan de gewone rechter hebben voorgelegd in plaats van aan arbitrage.
Farmerhoeve vorderde betaling voor de exploitatie van de hengst Farmer, waarbij discussie ontstond over de wijze van facturering, die in de praktijk deels rechtstreeks door [verweerder] aan merriehouders plaatsvond, in afwijking van schriftelijke afspraken dat facturering via de Bond zou verlopen. Het hof oordeelde dat Farmerhoeve op de hoogte was van het rechtstreeks factureren en dit niet heeft bestreden, waardoor dit geen grond voor haar vordering kon zijn.
Daarnaast bevestigde het hof dat het vervalbeding uit het arbitragereglement integraal deel uitmaakt van de overeenkomst tussen partijen en ook geldt indien partijen kiezen voor de gewone rechter, tenzij buitengewone omstandigheden worden aangetoond. Farmerhoeve stelde dat het vervalbeding slechts een procedurevoorschrift is, maar dit werd verworpen. Het cassatieberoep werd verworpen, waarbij de Hoge Raad volstond met een verkorte motivering.
Uitkomst: Het cassatieberoep van Farmerhoeve wordt verworpen en het vervalbeding uit het arbitragereglement blijft van toepassing.