ECLI:NL:PHR:2002:AE1535
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Toelaatbaarheid waarderingsstelsel amortisatiemethode voor boven pari gekochte obligaties
Belanghebbende, een verzekeringsmaatschappij, waardeerde haar obligaties in de vennootschapsbelastingaangifte 1993 tegen kostprijs of lagere marktwaarde. Na bezwaar koos zij voor de amortisatiemethode, waarbij het agio lineair wordt afgeschreven over de resterende looptijd. De Inspecteur verwierp dit waarderingsstelsel en handhaafde de aanslag.
Het Hof Amsterdam stelde belanghebbende in het gelijk en oordeelde dat de amortisatiemethode in overeenstemming is met goed koopmansgebruik, ook als de obligaties niet tot de aflossingsdatum worden aangehouden. De Hoge Raad bevestigt dit oordeel en overweegt dat het agio een slijtend activum is dat over de looptijd moet worden toegerekend, ongeacht tussentijdse verkoop.
De Hoge Raad benadrukt dat verliezen uit amortisatie niet in strijd zijn met het realiteitsbeginsel, omdat zij het economische slijtageproces van het agio weerspiegelen. Eventuele koerswinsten of -verliezen worden verantwoord bij verkoop. Het cassatiemiddel wordt verworpen en het beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de Staatssecretaris wordt ongegrond verklaard; het waarderingsstelsel met amortisatiemethode is toegestaan.