ECLI:NL:PHR:2002:AD9118
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt strikte toepassing bankgarantie en mededelingsplicht bank
In deze zaak stond centraal of de bank haar betalingsverplichting onder een bankgarantie moest nakomen nadat de aanneemster, eiseres, de garantie had ingeroepen. De bank had geweigerd te betalen omdat de garantie niet tijdig en op de juiste wijze was ingeroepen. De rechtbank oordeelde dat de bank een mededelingsplicht had geschonden door niet tijdig te wijzen op de gebrekkige inroeping en kende schadevergoeding toe. Het hof vernietigde dit vonnis en wees de vordering af, stellende dat geen sprake was van een geldige inroeping van de garantie.
De Hoge Raad bevestigde het standpunt van het hof dat bankgaranties strikt moeten worden toegepast en dat de bank niet verplicht is tot betaling als de voorwaarden niet zijn nageleefd. Wel benadrukte de Hoge Raad dat de bank bij een niet-ontvankelijke inroeping onverwijld moet meedelen op welke punten niet aan de voorwaarden is voldaan, zeker als herstel nog mogelijk is. Het niet nakomen van deze mededelingsplicht kan leiden tot aansprakelijkheid voor schadevergoeding, maar onttrekt de bank niet automatisch aan haar verweer.
De Hoge Raad verwierp de cassatieklachten van eiseres, waaronder de stelling dat het toezenden van documenten inclusief een kopie van de bankgarantie als een geldige inroeping moest worden gezien. De conclusie is dat de bankgarantie niet was ingeroepen conform de voorwaarden en dat de bank niet aansprakelijk is voor betaling, behoudens mogelijke schadevergoeding wegens mededelingsplichtschending. Het beroep werd verworpen.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde dat de bank niet tot betaling onder de bankgarantie gehouden is wegens niet-tijdige en niet-juiste inroeping.