ECLI:NL:PHR:2002:AD6228
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt afwijzing deskundigenverzoek en verwerpt beroep op noodtoestand bij vernieling defensiehek
In deze zaak werd de verdachte door het gerechtshof veroordeeld wegens medeplegen van vernieling van een defensiehek op een vliegbasis. De raadsman van de verdachte verzocht het hof om een deskundige op het gebied van humanitair oorlogsrecht en kernwapenrecht te horen, maar dit verzoek werd door het hof afgewezen vanwege onvoldoende aannemelijkheid van onafhankelijkheid en onpartijdigheid van de deskundige.
De Hoge Raad overwoog dat het hof terecht een op deskundigen toegespitste motivering heeft gegeven voor de afwijzing van het verzoek, waarbij het hof de objectiviteit en betrouwbaarheid van de deskundige en diens methoden mocht toetsen. De Hoge Raad verwierp het middel dat stelde dat het hof ten onrechte sprak over een getuige in plaats van een deskundige.
Verder werd het beroep op noodtoestand (overmacht) verworpen omdat niet was voldaan aan de vereisten van een concrete en objectief vast te stellen noodsituatie. Ook het beroep op het ontbreken van materiële wederrechtelijkheid werd afgewezen, omdat het strafrecht niet wijkt voor het eigenmachtig nastreven van een hoger doel.
De Hoge Raad oordeelde tevens dat de toegewezen schadevergoeding aan de benadeelde partij terecht was toegekend, ondanks bezwaren over de identiteit van de benadeelde en de hoogte van de schadevergoeding. De combinatie van schadevergoedingsmaatregel en toewijzing van de civiele vordering werd geaccepteerd. Alle middelen van cassatie werden verworpen, waarmee het hofarrest in stand bleef.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde de veroordeling en schadevergoedingsmaatregel.