ECLI:NL:PHR:2001:ZD1850
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Cassatie over vervoersverbod varkens in verband met klassieke varkenspest en nationale regelgeving
In deze zaak stond de vraag centraal of het vervoersverbod voor varkens binnen een bepaald gebied, ingesteld naar aanleiding van een uitbraak van klassieke varkenspest, rechtsgeldig was en of de verdachte strafbaar was voor het overtreden van dit verbod. Het hof had vastgesteld dat de verdachte op 8 oktober 1997 varkens vervoerde binnen een gebied waar een vervoersverbod van kracht was. De verdachte voerde verweren aan tegen de geldigheid van het vervoersverbod, onder meer op basis van vermeende strijd met Europese richtlijnen en onvoldoende bekendmaking.
Het hof oordeelde dat de nationale regeling, de Regeling vervoersverbod Nederweert 1997, conform de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren was uitgevaardigd en niet in strijd was met de Europese richtlijnen 80/217/EEG en 92/119/EEG. De vermeende strijdpunten, zoals de omvang van het gebied en het vervoersverbod voor andere dieren dan varkens, werden verworpen als toelaatbare aanvullingen. Tevens was het vervoersverbod op juiste wijze bekendgemaakt, waardoor de verdachte geacht mocht worden hiervan op de hoogte te zijn.
De Hoge Raad bevestigde het oordeel van het hof dat de verdachte strafbaar was voor het overtreden van het vervoersverbod. Het beroep op onwetendheid of onvoldoende bekendmaking faalde, evenals het beroep op verontschuldigbare dwaling. Ook het argument dat de plaatsing van waarschuwingsborden ontoereikend was, leidde niet tot vrijspraak. De strafrechtelijke sanctie, een geheel voorwaardelijke geldboete met proeftijd, bleef in stand.
Deze uitspraak benadrukt het belang van naleving van nationale maatregelen ter bestrijding van dierziekten en bevestigt dat vervoerders verantwoordelijk zijn voor het verifiëren van geldende vervoersverboden, ook bij wijzigingen en uitbreidingen van dergelijke gebieden.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de strafbaarheid van de verdachte voor het overtreden van het vervoersverbod en verwerpt het cassatieberoep.