ECLI:NL:PHR:2000:AA7282
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Ontslag op staande voet wegens dronkenschap ondanks onderliggende ziekte
In deze zaak stond centraal of een werknemer die door een onderliggende ziekte tot dronkenschap vervalt, op staande voet ontslagen kan worden wegens het niet kunnen verrichten van arbeid door overmatig alcoholgebruik.
De werknemer, in dienst bij Nutricia, had een geschiedenis van alcoholverslaving en depressiviteit. Na een periode van behandeling hervatte hij zijn werk, maar meldde zich later ziek wegens dronkenschap. Nutricia sprak daarop ontslag op staande voet uit.
De kantonrechter en de rechtbank oordeelden dat het ontslag gerechtvaardigd was, omdat de werknemer ondanks waarschuwingen en hulp toch weer overmatig alcohol gebruikte, waardoor hij zijn arbeid niet kon verrichten. De Hoge Raad bevestigde dit oordeel en stelde dat het feit dat het alcoholgebruik voortkomt uit een ziekte niet automatisch ontslag op staande voet uitsluit.
De Hoge Raad benadrukte dat de beoordeling van verwijtbaarheid en de vraag of de werkgever het dienstverband moet voortzetten, een waardering van feiten is die niet snel in cassatie kan worden herzien. De zaak illustreert dat dronkenschap een dringende reden kan zijn voor ontslag, ook bij een onderliggende ziekte, mits de werkgever voldoende inspanningen heeft geleverd en het voortzetten van het dienstverband niet redelijk is.
Uitkomst: Het ontslag op staande voet wegens dronkenschap is geoorloofd, ook bij een onderliggende ziekte die het alcoholgebruik veroorzaakt.