ECLI:NL:PHR:1998:ZD0952
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt dat pokerspelen als kansspelen kwalificeren ondanks behendigheidsaspecten
In deze zaak stond centraal of verschillende varianten van het pokerspel, aangeboden door een besloten vennootschap in Amsterdam, kwalificeren als kansspelen in de zin van de Wet op de kansspelen. De onderneming bood zonder vergunning gelegenheid tot deelname aan pokerspelen waarbij de aanwijzing van de winnaars plaatsvond door kansbepaling waarop deelnemers geen overwegende invloed konden uitoefenen.
Het hof stelde vast dat, ondanks dat ervaren spelers enigszins behendigheid kunnen inzetten, de meerderheid van de spelers in de praktijk niet in staat is de kansbepaling zodanig te beïnvloeden dat het karakter van kansspel verloren gaat. Dit oordeel werd onderbouwd met verklaringen van deskundigen en psychologische en wiskundige onderzoeksgegevens. De Hoge Raad bevestigde dit standpunt en verwierp de cassatiemiddelen die stelden dat het hof onjuiste maatstaven hanteerde of onvoldoende gemotiveerd had.
Daarnaast oordeelde de Hoge Raad dat het niet noodzakelijk is dat het spel daadwerkelijk gespeeld is om tot een bewezenverklaring te komen; het volstaat dat gelegenheid tot deelname is geboden. De opgelegde straf bestond uit een geldboete van 25.000 gulden en een voorwaardelijke stillegging van de onderneming voor zes maanden. De Hoge Raad verwierp het beroep en handhaafde het vonnis.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de veroordeling van de onderneming tot een geldboete van 25.000 gulden en een voorwaardelijke stillegging van zes maanden wegens het zonder vergunning aanbieden van kansspelen.