ECLI:NL:PHR:1995:2
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over strafbaarheid van corrigerende tikken binnen ouderlijk tuchtigingsrecht
De zaak betreft een verdachte die door het hof is veroordeeld wegens zware mishandeling van zijn ex-echtgenote en mishandeling van zijn dochter. De dochter kreeg twee klappen in het gezicht toen zij tussenbeide kwam om haar moeder te beschermen. De raadsman voerde aan dat de tikken onder het ouderlijk tuchtigingsrecht vielen, hetgeen het hof niet afzonderlijk heeft gemotiveerd.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof op dit punt een afzonderlijk gemotiveerde beslissing had moeten geven, maar dat dit verzuim niet tot cassatie hoeft te leiden. Het hof heeft geoordeeld dat de handelingen van verdachte geen opvoedkundig doel dienden maar bedoeld waren om de dochter te beletten haar moeder te beschermen, wat niet gerechtvaardigd is.
De Hoge Raad bespreekt uitgebreid de juridische achtergrond van het ouderlijk tuchtigingsrecht en de strafrechtelijke kwalificatie van mishandeling. Het beroep op het tuchtigingsrecht dient als kwalificatieverweer behandeld te worden en kan niet zonder meer het opzet op mishandeling uitsluiten. De zaak wordt terugverwezen naar een ander hof voor hernieuwde berechting en beslissing over feit 2 en de strafoplegging.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd voor het onderdeel mishandeling van de dochter en strafoplegging, met terugverwijzing voor hernieuwde berechting.