ECLI:NL:PHR:1986:AJ5302
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beoordeling uitleveringsverzoek en politieke delicten bij explosie in Belfast
In deze zaak staat het verzoek tot uitlevering van een persoon aan het Verenigd Koninkrijk centraal, vanwege betrokkenheid bij een bomaanslag in een café te Belfast waarbij vijf doden vielen, en andere strafbare feiten. De rechtbank had de uitlevering ten dele toegestaan en verklaarde het verzoek voor bepaalde feiten ontoelaatbaar op grond van het politieke karakter van die delicten.
De verdachte stelde in cassatie dat de rechtbank ten onrechte het politieke karakter van de bomaanslag had ontkend, omdat ook een aanslag op een minder belangrijk café volgens hem een rechtstreeks politiek doel kon dienen. De Hoge Raad oordeelde dat de rechtbank een juist feitelijk oordeel had gegeven, waarbij het ontbreken van een belangrijk loyalistisch bolwerk in het café de proportionaliteit van het middel ten opzichte van het politieke doel ontbrak.
Voorts werd het verweer dat uitlevering ontoelaatbaar zou zijn wegens mogelijke onmenselijke behandeling en gebrek aan een eerlijk proces in Engeland verworpen. De Hoge Raad stelde dat de uitleveringsrechter niet bevoegd is om dergelijke klachten te beoordelen, mede omdat het Verenigd Koninkrijk is toegetreden tot het EVRM en het individuele klachtrecht erkent.
De conclusie van de Procureur-Generaal was om het beroep van de verdachte te verwerpen en het beroep van de officier van justitie gedeeltelijk gegrond te verklaren, waarna de zaak voor verdere behandeling aan de Hoge Raad zou worden voorgelegd.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de verdachte wordt verworpen en de zaak wordt voor verdere behandeling aan de Hoge Raad voorgelegd.