Uitspraak
RAAD VAN BEROEP
Uitspraak
[Appellant]
de Regering van Curaçao,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
bevestigtde aangevallen uitspraak.
Raad van Beroep in Ambtenarenzaken van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
In deze zaak heeft appellant hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van het Gerecht in Ambtenarenzaken van Curaçao, waarin het Gerecht zich onbevoegd verklaarde kennis te nemen van bezwaren tegen het uitblijven van een reactie van de regering op verzoeken tot betaling van proceskosten en nevenvorderingen.
Het Gerecht oordeelde dat het niet voldoen aan een verzoek om proceskosten te betalen geen beschikking vormt en dat de rechtspositie van appellant als ambtenaar hierdoor niet wordt geraakt. Appellant betwistte deze onbevoegdverklaring en stelde tevens dat de uitspraak nietig was wegens overschrijding van de wettelijke termijn. Tevens breidde appellant zijn schadevergoedingsverzoeken uit.
De Raad van Beroep oordeelde dat de betaling van de proceskosten inmiddels had plaatsgevonden en dat de brief van de minister geen beschikking in de zin van artikel 35 Rar Pro vormt. De Raad bevestigde het oordeel van het Gerecht dat zij niet bevoegd is om te oordelen over de nevenvorderingen en schadevergoedingen gerelateerd aan de vertraagde uitbetaling.
Daarom worden de hoger beroepen afgewezen en de aangevallen uitspraak bevestigd. Er is geen aanleiding voor een veroordeling in proceskosten.
Uitkomst: De Raad van Beroep bevestigt de onbevoegdverklaring van het Gerecht en wijst het hoger beroep af.