Uitspraak
RAAD VAN BEROEP
,
Raad van Beroep in Ambtenarenzaken van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Appellant verzocht om registratie als ambtenaar in vaste pensioengerechtigde dienst met ingang van 1 oktober 2000, naar aanleiding van benoemingsbesluiten uit 2001 en 2003. Hij was aanvankelijk in tijdelijke dienst benoemd en later voor onbepaalde tijd, maar zonder een schriftelijke aanstelling in vaste pensioengerechtigde dienst zoals vereist volgens de Pensioenverordening landsdienaren.
De Stichting APFA weigerde appellant te registreren als pensioengerechtigde ambtenaar, omdat de vereiste benoeming ontbrak. Appellant maakte bezwaar tegen deze weigering, maar het Gerecht verklaarde dit bezwaar niet-ontvankelijk omdat er geen sprake was van een administratief besluit of weigering door een administratief orgaan zoals bedoeld in de Landsverordening ambtenarenrechtspraak.
In hoger beroep bevestigde de Raad dit oordeel. De Raad oordeelde dat de benoeming voor onbepaalde tijd niet automatisch gelijkstaat aan een aanstelling in vaste pensioengerechtigde dienst, mede omdat appellant ten tijde van indiensttreding ouder was dan 35 jaar en daardoor niet voldeed aan de pensioenverordening. Tevens is de Stichting APFA een privaatrechtelijk lichaam en geen administratief orgaan, waardoor de weigering niet als een administratief besluit kan worden aangemerkt.
De Raad concludeert dat het bezwaar terecht niet-ontvankelijk is verklaard en bevestigt de uitspraak van het Gerecht. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het verzoek om registratie als ambtenaar in vaste pensioengerechtigde dienst is niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van een vereiste schriftelijke aanstelling en het ontbreken van een administratief besluit.