ECLI:NL:OGHNAA:2005:BG0975
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba
- Hoger beroep
- W.P.M. ter Berg
- C.H. Govaerts
- R.W.L. Loeb
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep wegens intrekken bezwaarprocedure vergunning tijdelijk verblijf
Appellante had een vergunning tot tijdelijk verblijf aangevraagd die door de Gezaghebber namens de Minister van Justitie werd geweigerd. Tegen deze weigering maakten appellante en een belanghebbende bezwaar. Omdat er aanvankelijk geen beslissing op het bezwaar werd genomen, werd beroep ingesteld bij het Gerecht in eerste aanleg, dat het beroep gedeeltelijk gegrond verklaarde.
Appellante stelde vervolgens hoger beroep in tegen het uitblijven van een beslissing op het bezwaar. Tijdens de behandeling van het hoger beroep heeft de Gezaghebber alsnog een beslissing op het bezwaar genomen, waardoor het belang van appellante bij het hoger beroep verviel.
Het Hof oordeelde dat het hoger beroep daarom niet-ontvankelijk is en veroordeelde de Minister van Justitie tot vergoeding van proceskosten van appellante. De procedure werd beëindigd zonder inhoudelijke behandeling van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hoger beroep is niet-ontvankelijk verklaard omdat de Gezaghebber inmiddels een beslissing op het bezwaar heeft genomen.