ECLI:NL:OGHACMB:2026:177
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Hoger beroep
- G.C.C. Lewin
- W.P.M. ter Berg
- E.P. van Unen
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep wegens overschrijding appeltermijn
In deze zaak heeft appellant hoger beroep ingesteld tegen een vonnis van het Gerecht, uitgesproken op 9 december 2024. Het hoger beroep werd ingediend op 21 januari 2025, terwijl de beroepstermijn zes weken bedroeg en derhalve op 20 januari 2025 eindigde.
Het Hof heeft vastgesteld dat de akte van hoger beroep te laat is ingediend, aangezien deze op 21 januari 2025 ter griffie is ontvangen en niet op de laatste dag van de termijn. Er is geen sprake van bijzondere omstandigheden die een uitzondering op de strikte termijntoepassing rechtvaardigen, zoals een fout van het gerecht waardoor appellant niet tijdig op de hoogte was van het vonnis.
Daarom verklaart het Hof het hoger beroep niet-ontvankelijk. Appellant wordt veroordeeld in de proceskosten aan de zijde van het Land Curaçao, bestaande uit verschotten en salaris gemachtigde, vermeerderd met wettelijke rente. Het meer of anders gevorderde wordt afgewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de beroepstermijn.