Uitspraak
[GEÏNTIMEERDE 2],
[GEÏNTIMEERDE 3],
[GEÏNTIMEERDE 4],
[GEÏNTIMEERDE 5],
[GEÏNTIMEERDE 6],
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
In deze civiele procedure tussen Scaltech International LLC en meerdere geïntimeerden bevestigt het Gemeenschappelijk Hof het eerdere vonnis van beroep waarbij de vorderingen tegen vier geïntimeerden zijn afgewezen. De procedure betreft een vordering van USD 16 miljoen met rente vanaf 2012.
Twee geïntimeerden verschenen niet en hun adressen konden niet worden achterhaald, ondanks inspanningen van de deurwaarder en de advocaat van Scaltech. Een van deze geïntimeerden is overleden in december 2020. Het Hof acht het in het licht van art. 6 EVRM Pro niet verantwoord om de vorderingen tegen deze niet verschenen partijen toe te wijzen.
Het Hof wijst erop dat Scaltech onvoldoende heeft toegelicht welke inspanningen zijn verricht om de adressen te achterhalen en dat het onwaarschijnlijk is dat stukken hen of hun erfgenamen hebben bereikt. Voorshands is aannemelijk dat de afwijzingsgrond die geldt voor de verschenen geïntimeerden ook voor hen zou gelden.
Daarom wordt de zaak tegen de niet verschenen geïntimeerden doorgehaald. Scaltech kan de procedure tegen hen voortzetten door het Hof te verzoeken een deurwaarder opdracht te geven tot betekening, mits zij voldoende informatie of een overtuigende toelichting over de inspanningen verstrekt. Tevens moet zij bij het overlijden van een geïntimeerde ingaan op de gevolgen daarvan conform de relevante procesregels.
De proceskosten van het hoger beroep worden aan Scaltech opgelegd en zijn gespecificeerd per geïntimeerde. Het vonnis is gewezen door drie leden van het Gemeenschappelijk Hof en op 19 maart 2024 uitgesproken in Curaçao.
Uitkomst: Het Hof bevestigt het vonnis van beroep, wijst de vorderingen tegen vier geïntimeerden af en haalt de zaak tegen twee niet verschenen geïntimeerden door.