Uitspraak
1.Het verloop van de procedure tot en met cassatie
“(…) het verzoek te honoreren (…) tot aanpassing van het alimentatiebedrag, oftewel nihilstelling, evenals de alimentatieplicht tot 5 jaar (na scheiding) te honoreren c.q. te handhaven”.
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
In deze zaak herbeoordeelt het Gemeenschappelijk Hof de partneralimentatie na verwijzing door de Hoge Raad. De vrouw verzocht om een maandelijkse bijdrage van NAf 3.000, terwijl het Gerecht eerder NAf 2.200 had vastgesteld. De man betoogde dat hij geen draagkracht heeft en dat de vrouw zelf in haar levensonderhoud kan voorzien.
Het Hof stelde vast dat de man een pensioen en AOV-uitkering ontvangt van circa NAf 1.528 netto per maand en beperkte bijverdiensten heeft vanwege medische beperkingen, waaronder nierdialyse. Zijn maandelijkse lasten bedragen NAf 2.636, waardoor hij geen draagkracht heeft voor alimentatie. De vrouw kon onvoldoende onderbouwen dat zij behoeftig is; zij werkt drie dagen per week en heeft geen bewijs geleverd van medische beperkingen of een hoger inkomen.
Het Hof vernietigde de eerdere beschikking en wees het verzoek van de vrouw af met ingang van 1 augustus 2023. De bijdrage tot die datum wordt vastgesteld op hetgeen de man reeds heeft betaald. Tevens stelde het Hof geen termijn vast voor de duur van de alimentatie, omdat de man dit verzoek onvoldoende motiveerde. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek tot partneralimentatie wordt afgewezen wegens gebrek aan draagkracht en onvoldoende onderbouwing van behoeftigheid.