ECLI:NL:OGHACMB:2010:BQ8968
Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Raadkamer
- Luijks
- Sijmonsma
- Lock
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheid Minister van Justitie voor besluit tot voorwaardelijke invrijheidsstelling bevestigd
Verzoeker, gedetineerd op Sint Maarten, verzocht het Hof om het Land de Nederlandse Antillen of de Minister van Justitie te bevelen hem onmiddellijk in vrijheid te stellen. Het Hof bevestigde in zijn beschikking van 3 augustus 2010 dat alleen de Minister van Justitie bevoegd is om te beslissen over voorwaardelijke invrijheidsstelling (VI) en dat de gevangenisdirecteur niet gemachtigd kan worden deze beslissing te nemen.
In de procedure stelde het Hof vast dat de Minister van Justitie nog geen beslissing had genomen op het voorstel van de gevangenisdirecteur tot VI. Het Hof wees het standpunt van de procureur-generaal af dat de Minister niet in de gelegenheid was zich te verdedigen en dat de gevangenisdirecteur bevoegd zou zijn om namens de Minister te beslissen.
Het Hof benadrukte dat de bevoegdheid tot het verlenen van VI een zware bevoegdheid is die alleen de Minister toekomt, mede gelet op artikel 19 Sr Pro. De positie van de gevangenisdirecteur staat hieraan in de weg. Het Hof droeg de Minister van Justitie van Sint Maarten op binnen twee weken een beslissing te nemen en stelde een dwangsom in bij nalatigheid. Het verzoek tot onmiddellijke invrijheidsstelling werd afgewezen.
Uitkomst: Het Hof bevestigt dat alleen de Minister van Justitie bevoegd is tot besluit over voorwaardelijke invrijheidsstelling en wijst het verzoek tot onmiddellijke vrijlating af, met oplegging van een dwangsom bij nalatigheid.