Uitspraak
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN CURAÇAO
1.[GEDAAGDE sub 1] ,
[GEDAAGDE sub 2] ,
[GEDAAGDE sub 3] ,
[GEDAAGDE sub 4]en
[GEDAAGDE sub 5] ,
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
Eiser is na gerechtelijke vaststelling van het vaderschap van zijn overleden vader als enig erfgenaam erkend. Hij vordert vernietiging van notariële aktes betreffende de verdeling van onroerend goed en de verkoopopbrengst, en stelt dat gedaagden nooit te goeder trouw waren en hem daarom moeten vergoeden en het onroerend goed moeten teruggeven.
Gedaagden beroepen zich op verjaring, rechtsverwerking en verteringsverweer, stellende dat eiser te lang heeft gewacht en de opbrengsten zijn verteerd. De rechtbank oordeelt dat gedaagden hun stelplicht en bewijslast omtrent verjaring en vertering niet hebben voldaan. Tevens is vastgesteld dat gedaagden wisten van het vaderschap en dat eiser als erfgenaam recht heeft op rekening en verantwoording.
De rechtbank wijst de beroepen op verjaring, rechtsverwerking en vertering af. Gedaagde 3 wordt veroordeeld tot teruggave van het onroerend goed, en gedaagden worden hoofdelijk veroordeeld tot betaling van het aan ieder uitgekeerde deel van de koopsom. Eiser wordt toegestaan kosteloos te procederen en gedaagden worden veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Gedaagden worden veroordeeld tot betaling van verkoopopbrengst, teruggave van onroerend goed en het afleggen van rekening en verantwoording aan eiser.