ECLI:NL:OGEAC:2017:19
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling belastingheffing en premie AVBZ over WAO-uitkering voor ingezetene Curaçao
Belanghebbende, een ingezetene van Curaçao, ontving een WAO-uitkering uit Nederland die zowel in Nederland als Curaçao werd belast, wat leidde tot een situatie van dubbele belasting. Volgens artikel 20 van Pro de Belastingregeling voor het Koninkrijk behoort de heffingsbevoegdheid over deze uitkering toe aan het land van inwoning, in dit geval Curaçao. Nederland dient zich te onthouden van belastingheffing over deze uitkering.
Belanghebbende stelde dat zij niet belastingplichtig noch premieplichtig is in Curaçao vanwege de Nederlandse belastingheffing en haar particuliere ziektekostenverzekering. Het Gerecht oordeelde dat de aanslagen terecht zijn opgelegd omdat Curaçao ingezetene is en het wereldinkomen, inclusief de WAO-uitkering, belast. Daarnaast is belanghebbende premieplichtig voor de AVBZ, aangezien zij niet heeft aangetoond te voldoen aan de voorwaarden voor vrijstelling.
Het Gerecht verwierp het motiveringsgebrek en het beroep van belanghebbende en verklaarde het beroep ongegrond. De aanslagen inkomstenbelasting en premie AVBZ zijn correct vastgesteld en de heffing in Curaçao blijft gehandhaafd ondanks de Nederlandse belastingheffing over dezelfde uitkering.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de aanslagen inkomstenbelasting en premie AVBZ worden gehandhaafd.