ECLI:NL:OGEAC:2016:149
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.M. de Werd
- W.C.E. Winfield
- W.J. Noordhuizen
- Rechtspraak.nl
Proceskostenvergoeding bij onterechte naheffingsaanslag en verzuimboete in winstbelasting
Belanghebbende, een vennootschap gevestigd te Curaçao, kreeg voor het jaar 2011 een naheffingsaanslag en een verzuimboete opgelegd. Hoewel zij tijdig aangifte deed en belasting betaalde, werden deze aanslag en boete opgelegd. Belanghebbende maakte bezwaar en kwam vervolgens in beroep nadat het bezwaar werd afgewezen.
Tijdens de beroepsprocedure gaf de Inspecteur toe dat de aanslag en boete ten onrechte waren opgelegd en verminderde deze naar nihil, waardoor het beroep niet-ontvankelijk werd verklaard. Het geschil betrof de vergoeding van proceskosten voor de bezwaarfase en de beroepsfase.
Het Gerecht stelde vast dat de aanslag en boete door ernstige onzorgvuldigheid in strijd met het recht waren opgelegd, waardoor belanghebbende recht had op kostenvergoeding voor de bezwaarfase. Voor de beroepsfase werd aansluiting gezocht bij het Besluit proceskosten bestuursrecht, waarbij een forfaitaire vergoeding werd vastgesteld met een wegingsfactor van 0,5 vanwege de lichte aard van de zaak.
De totale proceskostenvergoeding werd vastgesteld op Naf. 575, bestaande uit Naf. 50 voor de bezwaarfase en Naf. 525 voor de beroepsfase. Het Gerecht veroordeelde de Inspecteur tot betaling van deze kosten en verklaarde het beroep niet-ontvankelijk.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard en de Inspecteur wordt veroordeeld tot betaling van proceskosten van Naf. 575.