In deze zaak heeft de moeder van een meerderjarige zoon, geboren in 2002, een verzoek ingediend tot ondercuratelestelling van haar zoon. Het verzoekschrift is op 13 augustus 2025 ingediend en de mondelinge behandeling vond plaats op 10 september 2025. Tijdens de zitting waren de verzoekster, de betrokkene, de vader en een broer van de betrokkene aanwezig. Ook was er een tolk aanwezig voor de Papiamentse taal. De broer van de betrokkene heeft in een e-mail zijn steun voor het verzoek van zijn moeder uitgesproken.
De moeder heeft toegelicht dat zij op advies van een bankmedewerker deze procedure is gestart, nadat zij zich zorgen maakte over de geestelijke toestand van haar zoon. Een verklaring van psychiater J. Verberne bevestigde de geestelijke stoornis van de betrokkene, waardoor hij niet in staat is zijn belangen behoorlijk waar te nemen. Tijdens de zitting heeft de betrokkene verklaard akkoord te gaan met de ondercuratelestelling en de benoeming van zijn moeder als curator. Ook de vader en de broers van de betrokkene hebben hun instemming gegeven.
Het gerecht heeft op 10 september 2025 de beschikking uitgesproken, waarbij de betrokkene onder curatele is gesteld en de moeder is benoemd tot curator. De beschikking moet binnen 10 dagen na de uitspraak bekendgemaakt worden in de Staatscourant en lokale dagbladen. De curator is verplicht om binnen twee maanden na de uitspraak een boedelbeschrijving aan het gerecht te verstrekken en jaarlijks een schriftelijke rekening en verantwoording in te dienen.