ECLI:NL:OGEABES:2025:69

Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba

Datum uitspraak
17 september 2025
Publicatiedatum
24 november 2025
Zaaknummer
BON202500283
Instantie
Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Echtscheiding en deling van huwelijksgoederengemeenschap tussen partijen

In deze zaak heeft de man, wonende te Haïti, een verzoekschrift ingediend voor echtscheiding en deling van de huwelijksgoederengemeenschap met de vrouw, wonende te Bonaire. De procedure begon op 3 juni 2025 en de mondelinge behandeling vond plaats op 17 september 2025. De vrouw is niet verschenen en er is verstek verleend. De partijen zijn op 14 september 2013 in Pétion-Ville (Haïti) in gemeenschap van goederen gehuwd en hebben een minderjarig kind, geboren in 2016 te Bonaire.

De man verzoekt de echtscheiding uit te spreken en de scheiding van tafel en bed, met gezamenlijke ouderlijk gezag over het minderjarige kind en de hoofdverblijfplaats bij de vrouw. Het gerecht heeft vastgesteld dat het huwelijk duurzaam is ontwricht en heeft het verzoek tot echtscheiding toegewezen. De man heeft verklaard dat de huwelijksgoederengemeenschap alleen uit roerende zaken bestaat en dat er geen overeenstemming is over de verdeling. Het gerecht heeft daarom de verdeling van de huwelijksgemeenschap bevolen en een onzijdig persoon benoemd voor het geval de vrouw niet meewerkt.

De beslissing over de echtscheiding zal niet uitvoerbaar bij voorraad worden verklaard, omdat deze pas tot stand komt door inschrijving in de registers van de burgerlijke stand. De zaak is verwezen naar de rolzitting van 29 oktober 2025, waar de man in de gelegenheid wordt gesteld om een verklaring van de vrouw in te brengen over gezamenlijk gezag en de hoofdverblijfplaats van het minderjarige kind. De beschikking is gegeven door rechter J.M.J. Keltjens en openbaar uitgesproken op 17 september 2025.

Uitspraak

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN BONAIRE, SINT EUSTATIUS EN SABA

zittingsplaats Bonaire

registratienummer: BON202500283
datum beslissing: 17 september 2025
BESCHIKKING
in de zaak van:
[verzoeker],
wonende te Haïti,
verzoeker, hierna ook: de man,
gemachtigde: mr. A.T.C. Nicolaas,
tegen
[verweerster],
wonende te Bonaire,
verweerster, hierna te noemen: de vrouw,
niet verschenen.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
  • het verzoekschrift van de man met producties, ingekomen op 3 juni 2025
  • de mondelinge behandeling die heeft plaatsgevonden op 17 september 2025, waar de man is verschenen, bijgestaan door mr. Nicolaas. Namens de Voogdijraad waren aanwezig dhr. [medewerker 1 Voogdijraad] vergezeld van zijn collega [medewerker 2 Voogdijraad].
1.2.
Aan de vrouw is op de mondelinge behandeling van 17 september 2025 verstek verleend.
1.3.
De beschikking is bepaald op vandaag.

2.De feiten

2.1.
Partijen zijn op 14 september 2013 in Pétion-Ville (Haïti) in gemeenschap van goederen met elkaar gehuwd.
2.2.
Uit dit huwelijk is het volgende op dit moment nog minderjarige kind geboren:
- [minderjarige], geboren op [geboortedatum] 2016 te Bonaire.

3.3. Het verzoek

De man verzoekt dat het gerecht bij beschikking, voor zover de wet dit toelaat uitvoerbaar bij voorraad:
primairde echtscheiding en
subsidiairde scheiding van tafel en bed tussen de man en de vrouw uitspreekt;
partijen gezamenlijk belast met het ouderlijk gezag over het minderjarige kind;
bepaalt dat de hoofdverblijfplaats van het minderjarige kind bij de vrouw blijft;
partijen veroordeelt om over te gaan tot scheiding en deling van de huwelijksgoederengemeenschap;
een notaris en een onzijdig persoon benoemt als volgens de wet is voorgeschreven.

4.De beoordeling

Echtscheiding en benoeming van een onzijdig persoon

4.1.
De man stelt dat het huwelijk tussen partijen duurzaam is ontwricht. Het gerecht zal het echtscheidingsverzoek als niet weersproken en op de wet (artikel 1:151 BW BES) gegrond toewijzen.
4.2.
Tijdens de mondelinge behandeling heeft de man verklaard dat de huwelijksgoederengemeenschap alleen bestaat uit roerende zaken, niet registergoederen en dat partijen geen overeenstemming over de verdeling hebben bereikt. Dit is niet weersproken. Het gerecht zal daarom de verdeling van de huwelijksgemeenschap bevelen met benoeming van een onzijdig persoon als bedoeld in artikel 3:181 BW BES voor het geval de vrouw aan de verdeling geen medewerking wil verlenen. Het gerecht zal het verzoek tot het benoemen van een notaris afwijzen omdat volgens de stelling van de man registergoederen geen onderdeel uitmaken van de huwelijksgoederengemeenschap.
Gezag en hoofdverblijfplaats
4.3.
In afwachting van een door de man in het geding te brengen verklaring van de vrouw dat partijen gezamenlijk willen worden belast met het gezag over de minderjarige en de vrouw het ermee eens is dat de hoofdverblijfplaats van de minderjarige bij de vrouw is, zal het gerecht iedere verdere beslissing daarover aanhouden. Het gerecht zal deze zaak verwijzen naar de rolzitting van 29 oktober 20205 om de man in de gelegenheid te stellen deze verklaringen in het geding te brengen. Op de zitting heeft de man verklaard dat als hij (één van) die verklaring(en) niet in het geding kan brengen, het betreffende verzoek als ingetrokken kan worden beschouwd.
De uitvoerbaarheid bij voorraad
4.4.
De beslissing over de echtscheiding zal niet uitvoerbaar bij voorraad worden verklaard omdat die hoe dan ook pas tot stand komt door inschrijving van deze beschikking in de registers van de burgerlijke stand. De beslissingen over de verdeling zullen evenmin uitvoerbaar bij voorraad worden verklaard omdat die pas gelden na inschrijving van deze beschikking.

5.De beslissing

Het gerecht:
5.1.
spreekt de echtscheiding uit tussen partijen, op 14 september 2013 te Pétion-Ville (Haïti) met elkaar gehuwd;
5.2.
beveelt de vrouw om, na inschrijving van deze beschikking in de registers van de burgerlijke stand, met de man over te gaan tot de scheiding en deling van de tussen partijen bestaande huwelijksgoederengemeenschap;
5.3.
benoemt tot onzijdig persoon in geval van weigerachtigheid en/of nalatigheid van de vrouw tot medewerking aan de verdeling, de deurwaarder M.A.A. Manuel-Bernabela, wonende te Bonaire, ter vertegenwoordiging van de vrouw;
5.4.
verwijst de zaak naar de rolzitting van 29 oktober 2025 om de man in de gelegenheid te stelling in het geding te brengen een verklaring van de vrouw;
  • dat zij instemt met gezamenlijk gezag over de minderjarige
  • dat zij ermee instemt dat de hoofdverblijfplaats van de minderjarige bij haar is
5.5.
houdt iedere verdere beslissing aan.
Deze beschikking is gegeven door mr. J.M.J. Keltjens, rechter, en in het openbaar uitgesproken op 17 september 2025 in tegenwoordigheid van de griffier.