ECLI:NL:OGEABES:2025:19

Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba

Datum uitspraak
12 februari 2025
Publicatiedatum
14 april 2025
Zaaknummer
BON202500006
Instantie
Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 555 Rv BESArt. 557 Rv BESArt. 444 lid 2 Rv BES
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Ontruiming en betaling huurachterstand wegens ernstige overlast en vernielingen in appartementencomplex

Verhuurder Tropical Flamengo N.V. heeft een kort geding aangespannen tegen huurder van een unit in het appartementencomplex Little Venice Apartments te Bonaire wegens huurachterstand en ernstige overlast.

De huurder is sinds 1 augustus 2024 huurder van de unit en heeft een huurachterstand van november 2024 tot en met januari 2025. Tevens is de huurder beschuldigd van opzettelijke vernielingen en het veroorzaken van overlast, waardoor medehuurders en verhuurder politieassistentie nodig hadden en units onbruikbaar werden.

De huurder is niet verschenen in de procedure, waardoor verstek is verleend. De rechter acht de vorderingen van verhuurder gegrond en veroordeelt de huurder tot ontruiming binnen 48 uur na betekening, met machtiging tot inschakeling van de sterke arm. Tevens wordt de huurder veroordeeld tot betaling van de huurachterstand, servicekosten, lopende huurtermijnen tot ontruiming en proceskosten.

De rechter motiveert dat het gedrag van de huurder onhoudbaar is en dat het belang van verhuurder en medehuurders voor een veilig en ongestoord huurgenot zwaarder weegt dan het belang van huurder bij een langere ontruimingstermijn.

Uitkomst: Huurder wordt veroordeeld tot ontruiming binnen 48 uur en betaling van huurachterstand, servicekosten en proceskosten.

Uitspraak

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN BONAIRE, SINT EUSTATIUS EN SABA zittingsplaats Bonaire

Registratienummer: BON20250006
Datum uitspraak: 12 februari 2025
VONNIS IN KORT GEDING
in de zaak van:
de naamloze vennootschap
TROPICAL FLAMENGO N.V.,
gevestigd te Bonaire,
eiseres,
hierna: verhuurster,
procederend in persoon,
tegen
[gedaagde],
wonende te Bonaire,
gedaagde,
hierna: huurder,
niet verschenen.

1.Het procesverloop

1.1.
Op 6 januari 2025 heeft verhuurster een verzoekschrift in kort geding ingediend.
1.2.
De behandeling van het kort geding heeft plaatsgevonden op 10 februari 2025.
Daarbij is namens verhuurster de heer [bestuurder], directeur verschenen. Huurder is hoewel deugdelijk opgeroepen, niet verschenen. Tegen huurder is verstek verleend.
1.3.
Vonnis is bepaald op vandaag.

2.De beoordeling

2.1.
Huurder huurt sinds 1 augustus 2024 van verhuurder de unit no. 24 in het appartementencomplex ‘Little Venice Apartments’, gelegen aan de [adres] te Bonaire (hierna: het gehuurde) voor een huurprijs van USD 695,00 per maand. De huurprijs is op de eerste van de betreffende maand verschuldigd.
2.2.
Verhuurster heeft gevorderd bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad en op de in het verzoekschrift aangevoerde gronden, huurder te veroordelen tot:
- ontruiming van het gehuurde, met machtiging om zonodig met behulp van de sterke arm de ontruiming te doen uitvoeren:
- betaling van de openstaande huurschuld over de periode van november 2024 tot en met januari 2025 van USD 2.085,00 te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 1 oktober 2024,
- betaling van een bedrag van USD 695,00 voor iedere maand vanaf 1 februari 2025 tot aan de ontruiming verschuldigde termijnen;
- betaling van een bedrag van USD 799,54 voor de service kosten berekend tot en met januari 2025;
- veroordeling in de kosten, waaronder de nakosten (zowel met als zonder betekening).
2.3.
Zoals vermeld in het verzoekschrift bedraagt de huurachterstand thans van november 2024 tot en met januari 2025 USD 2.085,00 en is de huur voor februari 2025 ad USD 695,00 inmiddels ook verschuldigd. Ook heeft verhuurder aangevoerd dat huurder zich niet als goede huurder gedraagt. De overige huurders van units in het appartementencomplex evenals verhuurder ondervinden al geruime tijd zo’n ernstige overlast en hinder van huurder dat bijna voortdurend politieassistentie nodig is. Meerdere huurders hebben om deze reden de huur in het appartementencomplex beëindigd en de lege units zijn niet verhuurbaar wegens het gedrag van huurder. Aannemelijk is geworden dat daarbij is gekomen dat huurder sinds kort opzettelijk en moedwillig vernielingen in zijn unit en ook aan de units van medehuurders aanricht, ondermeer door het doorknippen van stroomkabels en leidingen van de airco-units.
2.4.
Huurder, die niet in de procedure is verschenen, heeft de vorderingen en de daaraan ten grondslag gelegde gronden van verhuurster niet weersproken. Die vorderingen zijn toewijsbaar als hieronder onder beslissing weergegeven.
De onweersproken huurachterstand en het slecht huurderschap van huurder rechtvaardigt de gevorderde ontruiming. Huurder is door verhuurder, de politie en zijn medehuurders zeer vaak aangesproken op zijn gedrag, maar dit heeft niet tot vermindering maar zelfs tot verergering van de overlast geleid. Verhuurder heeft met diverse mutatieverslagen van de politie en vele foto’s aannemelijk gemaakt dat huurder zich bijna voortdurend schuldig maakt aan overlast gevend en hinderlijk gedrag en thans ook obstructief en gevaarlijk gedrag.
2.5
De door huurder veroorzaakte situatie is zo onhoudbaar geworden dat van de verhuurder niet verwacht kan worden dat hij deze situatie langer dient te laten voortduren, mede gelet op zijn verplichting jegens zijn overige huurders in het appartementen complex om hen een ongestoord en veilig huurgenot te verschaffen. Dit brengt mee dat het belang van huurder voor een redelijke ontruimingstermijn afgewogen tegen het belang van verhuurder voor een zo spoedig mogelijke ontruiming in het nadeel uitvalt voor huurder. De ontruiming van het gehuurde wordt toegestaan vanaf 48 uur na betekening van dit vonnis aan huurder. Tevens zal verhuurder worden gemachtigd om zonodig met behulp van de sterke arm de ontruiming te doen uitvoeren. Het overige gevorderde ligt ook voor toewijzing gereed.
2.5.
Huurder zal als de in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld tot betaling van de proceskosten. Deze bedragen:
explootkosten USD 159,00
griffierecht USD 251,00
+
totaal: USD 410,00

3.De beslissing

Het gerecht, recht doende in kort geding,
3.1.
veroordeelt huurder het gehuurde uiterlijk na 48 uren na betekening van dit vonnis met alle personen en zaken die zich van de kant van huurder in en om het gehuurde bevinden, te verlaten en te ontruimen en ontruimd te houden en onder afgifte van de sleutels ter vrije en algehele beschikking van verhuurster te stellen;
3.2.
verstaat dat, indien huurder niet aan de veroordeling onder 3.1. voldoet, de deurwaarder, door wie de gedwongen ontruiming zal dienen te geschieden, op grond van de wet- en regelgeving (artikel 555 e.v. Rv BES) bevoegd is de sterke arm van politie en justitie in te roepen, en verleent reeds thans toestemming voor de vertegenwoordiging als bedoeld in artikel 557 jo Pro. 444 lid 2 Rv BES;
3.3.
veroordeelt huurder bij wijze van voorschot tot betaling aan verhuurder van
betaling van de openstaande huurschuld over de periode van november 2024 tot en met januari 2025 van USD 2.085,00 te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 1 oktober 2024 tot de dag van algehele voldoening;
3.4.
veroordeelt huurder bij wijze van voorschot tot betaling van een bedrag van USD 799,54 voor de service kosten berekend tot en met januari 2025;
3.5.
veroordeelt huurder tot betaling aan verhuurster van een bedrag van USD 695,00 voor iedere maand vanaf 1 februari 2025 dat hij in het gehuurde verblijft tot het tijdstip van ontruiming;
3.6.
veroordeelt huurder tot betaling van de proceskosten, tot op heden begroot op USD 410,00, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 14 dagen na betekening van dit vonnis,
3.7.
veroordeelt huurder tot betaling van de nakosten van USD 140,00 zonder betekening en verhoogd met USD 84,00 in geval van betekening, indien nakoming door huurder uitblijft binnen veertien dagen nadat huurster schriftelijk is verzocht door verhuurster om aan het vonnis te voldoen,
3.7.
verklaart de veroordelingen in dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad,
3.8.
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. J.M.J. Keltjens, rechter en uitgesproken op 12 februari 2025 in tegenwoordigheid van de griffier.