ECLI:NL:OGEAA:2026:159
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verkoopopbrengst en gebruiksvergoeding woning verdeeld tussen voormalige partners
Partijen, voormalige partners die samenwoonden als waren zij gehuwd, zijn gezamenlijk eigenaar van een woning en perceel in Aruba. De woning is recent getaxeerd op Afl. 894.613,75. Het Gerecht wijst de woning toe aan eiser, omdat hij aannemelijk heeft gemaakt dat hij de toedeling kan financieren, terwijl gedaagde dit niet heeft onderbouwd.
Eiser heeft de aankoop, bouw en inboedel betaald, maar omdat deze investeringen vóór 1 september 2021 plaatsvonden, is het nieuwe vergoedingsrecht op grond van artikel 1:87 BW Pro Aruba niet van toepassing. Het oude recht geldt, waarbij geen vergoedingsrecht is vastgesteld. Wel is sprake van ongerechtvaardigde verrijking van gedaagde, die mede-eigenaar is geworden zonder eigen betaling. De vordering van eiser is echter deels verjaard, waardoor alleen een natuurlijke verbintenis tot betaling resteert.
Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van een gebruiksvergoeding van Afl. 1.118,25 per maand vanaf 1 juli 2026 zolang zij in de woning verblijft en de woning nog niet is toegedeeld. Indien de woning niet vóór 1 november 2026 op naam van eiser wordt gesteld, moet deze aan een derde worden verkocht en wordt de verkoopopbrengst gelijkelijk verdeeld. De kosten van de notariële levering zijn voor rekening van eiser. De inboedel wordt aan gedaagde toegedeeld zonder verrekening.
De proceskosten worden gecompenseerd, zodat iedere partij haar eigen kosten draagt. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad en het meer of anders gevorderde wordt afgewezen.
Uitkomst: De woning wordt aan eiser toegedeeld met betaling van gebruiksvergoeding door gedaagde en verrekening van investeringen, onder voorwaarden voor notariële levering en mogelijke verkoop aan derden.