Uitspraak
1.DE PROCEDURE
2.DE VASTSTAANDE FEITEN
security guard’tegen een loon van Afl. 8,- per uur.
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
De werknemer, werkzaam sinds 2013 als security guard, was vanaf november 2017 arbeidsongeschikt vanwege een ernstige visuele beperking. Hij ontving ziektegeld van de Sociale Verzekeringsbank, dat aanvankelijk aan de werkgever werd uitgekeerd en later rechtstreeks aan hem. De werknemer vorderde betaling van achterstallig loon en vakantiedagen, waarbij de werkgever het aantal gewerkte uren betwistte en een beroep deed op verjaring.
Het Gerecht stelde vast dat de werkgever onvoldoende bewijs leverde ter onderbouwing van de betwisting van het aantal gewerkte uren en dat de urenlijsten van de werknemer als juist konden worden aangenomen. De vordering voor loon over de periode van november 2017 tot januari 2018 werd deels toegewezen, rekening houdend met reeds betaalde bedragen. Vorderingen over eerdere jaren werden afgewezen wegens verjaring of onvoldoende onderbouwing.
De werkgever werd veroordeeld tot betaling van een bruto bedrag van Afl. 13.148,50 vermeerderd met een wettelijke verhoging tot maximaal 15%. De proceskosten werden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt. De beschikking werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Werkgever wordt veroordeeld tot betaling van Afl. 13.148,50 bruto plus wettelijke verhoging en kostencompensatie.