ECLI:NL:OGEAA:2019:278

Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba

Datum uitspraak
14 mei 2019
Publicatiedatum
20 mei 2019
Zaaknummer
AUA201900258
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Aangehouden
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 1:205 BW ArubaArt. 1:212 BW Aruba
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beschikking tot gelasten DNA-onderzoek voor vernietiging erkenning minderjarige

De zaak betreft een verzoek van de man tot vernietiging van zijn erkenning van een minderjarige, op grond van het feit dat hij mogelijk niet de biologische vader is. De man stelt dat hij de minderjarige erkende in de veronderstelling biologisch vader te zijn, maar acht zich nu misleid door de moeder. Het verzoek is tijdig ingediend binnen de wettelijke termijn van een jaar na ontdekking van de vermeende dwaling of bedrog.

De moeder betwist het niet, maar stelt dat de man wel degelijk de biologische vader is. Het gerecht acht het noodzakelijk om het biologische vaderschap met zekerheid vast te stellen door middel van een DNA-onderzoek. De Voogdijraad wordt benoemd tot bijzondere curator van de minderjarige om diens belangen te behartigen tijdens de procedure.

De man krijgt toestemming om kosteloos te procederen op grond van zijn bewezen onvermogen. Het gerecht bepaalt dat de man het voorschot voor het DNA-onderzoek dient te betalen. De zaak wordt aangehouden tot na overlegging van de DNA-testresultaten, waarna de Voogdijraad zich zal uitlaten en het gerecht een verdere beslissing zal nemen.

Uitkomst: Het gerecht gelast een DNA-onderzoek om het biologische vaderschap vast te stellen en houdt de zaak aan tot overlegging van de uitslag.

Uitspraak

Beschikking van 14 mei 2019
Behorend bij EJ nr. AUA201900258
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA
BESCHIKKING
op het verzoek van:
[Naam Verzoeker],
wonende in Aruba,
VERZOEKER, hierna: de man,
gemachtigde: de advocaat mr. S.O.R.‘G. Faarup,
tegen
[Naam Verweerster],
wonende in Aruba, [adres],
VERWEERSTER, hierna te noemen: de moeder,
procederend in persoon.
Belanghebbenden:
[Naam belanghebbende],de minderjarige,
DE VOOGDIJRAAD.

1.DE PROCEDURE

Het verloop de procedure blijkt uit:
  • het verzoekschrift met producties, ingediend op 24 januari 2019;
  • het advies van de ambtenaar van de burgerlijke stand, overgelegd op 26 maart 2019;
  • de griffiersaantekeningen van de mondelinge behandeling van 2 april 2019, waaruit blijkt dat zijn verschenen de man in persoon bijgestaan door zijn gemachtigde, de moeder in persoon, de ambtenaar van de Burgerlijke Stand bij [naam ambtenaar Burgerlijke Stand] en de [Naam medewerker Voogdijraad].
De uitspraak is bepaald op heden.

2.DE FEITEN

De minderjarige voornoemd is op [geboortedatum] 2001 in Aruba uitde relatie tussen partijen geboren. De minderjarige is door de man erkend.

3.HET VERZOEK

Het verzoek strekt tot vernietiging van de erkenning van de minderjarige door de man. Het verzoek strekt voorts tot verlof om kosteloos te mogen procederen, kosten rechtens.

4.DE BEOORDELING

4.1
Ingevolge artikel 1:212 van Pro het Burgerlijk Wetboek van Aruba (BW) dient in zaken van afstamming het minderjarig kind vertegenwoordigd te worden door een daartoe door het gerecht benoemde bijzondere curator. De Voogdijraad heeft zich bereid verklaard als bijzondere curator van de minderjarige op te treden, en zal als zodanig worden benoemd.
4.2
Op grond van artikel 1:205 lid Pro 1b BW kan een verzoek tot vernietiging van de erkenning, op de grond dat de erkenner niet de biologische vader van het kind is, bij het gerecht worden ingediend door de erkenner, indien hij door bedreiging, dwaling of bedrog daartoe is bewogen.
Ingevolge het derde lid wordt het verzoek in geval van bedrog of dwaling, door de erkenner niet later ingediend dan binnen een jaar nadat de verzoeker het bedrog of de dwaling heeft ontdekt.
4.3
De man heeft ter zitting te kennen gegeven dat de moeder hem 8 maanden geleden heeft medegedeeld dat hij niet de biologische vader is van de minderjarige. De man heeft ter zitting zich beroepen op dwaling c.q. bedrog en wenst op die grond een vernietiging van de erkenning. De man stelt in dat verband dat hij de minderjarige heeft erkend in de veronderstelling dat hij de biologische vader was van de minderjarige. Niet is gebleken van feiten en omstandigheden waaruit blijkt dat de man al meer dan een jaar voor de indiening van het verzoekschrift redenen had om te veronderstellen dat hij niet de biologische vader van de minderjarige is. Het onderhavige verzoek is binnen de wettelijke termijn ingediend, zodat de man ontvankelijk is in zijn verzoek.
4.4
De moeder heeft ter zitting verklaard dat de man de biologische vader van de minderjarige is. Daarmee staat niet vast of de man wel of niet de biologische vader is van de minderjarige. Biologisch vaderschap kan middels bloedonderzoek of DNA-onderzoek nagenoeg met zekerheid worden bewezen. Gezien de overgelegde stukken, het advies van de ambtenaar van de Burgerlijke Stand en het verhandelde ter zitting acht het gerecht een DNA test noodzakelijk om te bepalen of de man de biologische vader van de minderjarige is. Het gerecht zal, gelet op het vorenstaande, een DNA-test gelasten bij de Noord Lab Center N.V., waarbij de man het voorschot zal dienen te betalen.
4.5
De Voogdijraad zal in de gelegenheid worden gesteld om zich, na het overleggen van het DNA-onderzoek, uit te laten.
4.6
Gelet op het overgelegde bewijs van onvermogen van 25 juli 2018 zal aan de man toestemming worden verleend om kosteloos te procederen.
4.7
Iedere verdere beslissing zal worden aangehouden.

5.DE BESLISSING

Het gerecht:
verleent de man toestemming om in onderhavige zaak kosteloos te procederen,
benoemt de Voogdijraad tot bijzondere curator van de minderjarige,
gelast een DNA-onderzoek naar de vraag met welke mate van waarschijnlijkheid de man, [Naam verzoeker], geboren op [geboortedatum] 1973 in Haïti, de biologische vader is van [Naam belanghebbende], geboren op [geboortedatum] 2001 in Aruba uit de vrouw [Naam verweerster], geboren op [geboortedatum] 1983 in Haïti,
benoemt de door de Noord Lab Center N.V. (MedLab) aan te wijzen specialist als deskundige,
bepaalt dat de man het bedrag ter dekking van de kosten van het onderzoek zal voorschieten,
verwijst de zaak naar de rol van
dinsdag, 2 juli 2019 om 8.30 uur, voor overlegging van de uitslag van de DNA-test zijdens verzoeker,
houdt iedere verdere beslissing aan.
Deze beschikking is gegeven op dinsdag 14 mei 2019 door mr. J.J. Verhoeven, rechter in dit gerecht, in tegenwoordigheid van de griffier.