Uitspraak
1.DE PROCEDURE
- het rapport van de Raad voor de Kinderbescherming d.d. 8 oktober 2018, ingediend op 21 november 2018;
- het rapport van de Voogdijraad, ingediend op 29 oktober 2018;
- de producties zijdens de moeder, ingediend op 6 februari 2019;
- de prodcuties zijdens de vader, ingediend op 11 februari 2019;
- de mondelinge behandeling achter gesloten deuren op 12 februari 2019, waaruit blijkt dat zijn verschenen de moeder en de vader in persoon bijgestaan door hun gemachtigden.
2.DE VERDERE BEOORDELING
- Beide ouders een stabiele woonsituatie hebben;
- Beide ouders betrokken naar de minderjarige toe zijn;
- De minderjarige goed verzorgd door beide ouders werd/wordt;
- Moeder altijd de hoofdverzorger is geweest;
- Er geen zorgen zijn dat de ontwikkelingen van de minderjarige gevaar zou lopen bij moeder;
- Op Aruba gaat de minderjarige naar een naschoolse opvang;
- In Nederland zou de minderjarige samen met haar broertje bij een gastouder na school kunnen blijven;
- Vader misleidend was naar de rechter toe en belemmert de omgang tussen minderjarige en moeder;
- De minderjarige onder veel spanning lijdt gezien zij geen voorkeur wil tonen tussen ouders;
- De minderjarige zelf bij moeder wil gaan wonen en op vakantie bij vader wil komen;