ECLI:NL:OGEAA:2018:758
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek schorsing verwijderingsbevel illegaal verblijf Aruba
Verzoeker, van Venezolaanse nationaliteit, verbleef sinds 6 mei 2014 illegaal in Aruba nadat zijn laatst verleende tijdelijke verblijfsvergunning was verlopen. Ondanks een ingediende aanvraag voor een nieuwe vergunning in 2015, die werd afgewezen en onherroepelijk werd, heeft verzoeker geen nieuwe aanvraag ingediend. Op 27 oktober 2018 werd verzoeker zonder geldige verblijfstitel aangetroffen en werd een verwijderingsbevel uitgevaardigd.
Verzoeker stelde dat hij in afwachting was van een advies over zijn arbeidsmarkttoetreding en dat er zicht was op legalisering. Tevens voerde hij aan dat het verwijderen in strijd zou zijn met het recht op voortzetting van zijn family life met zijn vader, die medische zorg nodig zou hebben. Het gerecht oordeelde dat geen sprake was van een uitzicht op legalisering en dat de medische noodzaak niet was aangetoond.
Het Gerecht concludeerde dat verweerder bevoegd was het verwijderingsbevel uit te vaardigen en dat er geen grond bestond voor schorsing van het bevel. Het verzoek tot schorsing werd daarom afgewezen. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek tot schorsing van het verwijderingsbevel wordt afgewezen en het verwijderingsbevel blijft van kracht.