Uitspraak
1.PROCESVERLOOP
2.OVERWEGINGEN
3.BESLISSING
- vernietigt de beschikking van verweerder van 30 januari 2017;
- bepaalt dat verweerder binnen drie maanden na dagtekening van deze uitspraak een
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Appellante, Aruba Hotel Enterprises N.V., maakte bezwaar tegen facturen en weigering van een precariovergunning voor het innemen van strandgrond voor strandstoelen. Verweerder, de minister van Ruimtelijke Ontwikkeling, stuurde facturen en gaf aan dat bij betaling binnen 30 dagen een vergunning kon worden verleend.
Het gerecht oordeelde dat het onbevoegd is kennis te nemen van het beroep tegen de factuur van 16 januari 2017, omdat dit onder de belastingrechter valt. Voor het overige verklaarde het gerecht het beroep gegrond, omdat verweerder niet heeft aangegeven waarom de vergunning geweigerd kon worden op grond van openbare orde, veiligheid of milieu.
Verder oordeelde het gerecht dat een precariovergunning vereist is indien het Land het gebruik of de aanwezigheid van voorwerpen op openbare grond toestaat, en dat het betoog van appellante dat zij geen vergunning nodig heeft wegens privaatrechtelijke rechten onvoldoende is zonder nader onderzoek door de burgerlijke rechter.
De weigering van de vergunning wegens niet-betaling van precario was niet rechtsgrondig. Verweerder werd veroordeeld tot betaling van proceskosten en terugbetaling van een klein bedrag aan appellante. Het gerecht vernietigde de beschikking van 30 januari 2017 en bepaalde dat verweerder binnen drie maanden een nieuwe beslissing moet nemen.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard voor het overige en de weigering van de precariovergunning wordt vernietigd.