ECLI:NL:OGAACMB:2017:92
Gerecht in Ambtenarenzaken van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Nietigheid beschikking waarnemingstoelage hoofdofficier van justitie verklaard
Klaagster verzocht de minister van Justitie om een waarnemingstoelage voor het waarnemen van het ambt van hoofdofficier van justitie in 2012 en een gratificatie voor het mede waarnemen van de ambten van procureur-generaal en advocaat-generaal. De minister wees dit verzoek af, waarna het gerecht een eerdere afwijzing vernietigde en een nieuwe beslissing beval.
Bij landsbesluit werd aan klaagster een gratificatie van een maandinkomen toegekend. De minister stelde vervolgens dat deze gratificatie de waarneming ruimschoots compenseerde en wees het verzoek om een waarnemingstoelage af. Klaagster maakte bezwaar tegen deze afwijzing.
Het gerecht oordeelde dat de gratificatie betrekking heeft op zowel de waarneming van het ambt van hoofdofficier van justitie als de andere ambten en dat deze onherroepelijk is geworden. De minister had de waarnemingstoelage ten onrechte geweigerd, waardoor de beschikking nietig is. De nietigheid wordt echter gedekt verklaard omdat klaagster reeds ruimschoots is gecompenseerd. Proceskostenvergoeding werd niet toegekend.
Uitkomst: De beschikking van de minister wordt nietig verklaard, maar de nietigheid wordt gedekt verklaard vanwege reeds toegekende gratificatie.