ECLI:NL:OGAACMB:2017:78
Gerecht in Ambtenarenzaken van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling bevoegdheid en waardering bij verzoek bevordering ambtenaar
Klaagster verzocht om bevordering naar hogere salarisschalen met terugwerkende kracht, maar haar verzoek werd door de minister afgewezen omdat haar functie maximaal op schaal 4 gewaardeerd is. Klaagster maakte bezwaar tegen deze afwijzing. Het gerecht stelde vast dat de inhoudelijke beslissing over bevordering uitsluitend door de Gouverneur genomen kan worden, waardoor de afwijzing door de minister onbevoegd was en vernietigd moest worden.
Desondanks onderzocht het gerecht of de rechtsgevolgen van de afwijzing in stand konden blijven. Verweerder stelde dat klaagster de maximale waardering van haar functie had bereikt en dat eerdere overplaatsingen naar functies met lagere waarderingen correct waren. Klaagster betoogde dat haar functie ondergewaardeerd was, maar kon dit onvoldoende onderbouwen.
Het gerecht oordeelde dat de waardering op schaal 4 juist was en dat klaagster reeds de maximale waardering had bereikt. Ook het betoog over een hogere waardering van een eerdere functie gaf geen aanleiding tot een ander oordeel, mede omdat klaagster tegen overplaatsingsbesluiten rechtsmiddelen had kunnen aanwenden. Het bezwaar werd gegrond verklaard, de afwijzing vernietigd, maar de rechtsgevolgen van de afwijzing bleven geheel in stand.
Uitkomst: Bezwaar gegrond verklaard en afwijzing vernietigd, maar rechtsgevolgen van afwijzing blijven in stand wegens juiste functiewaardering op schaal 4.