ECLI:NL:OGAACMB:2016:17
Gerecht in Ambtenarenzaken van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bezwaar tegen niet tijdig beslissen op verzoek waarnemingstoelage ambtenaar
Klaagster, ambtenaar bij het Korrektie Instituut Aruba, verzocht op 27 mei 2014 om een waarnemingstoelage met terugwerkende kracht. Na het uitblijven van een beslissing maakte zij op 23 september 2015 bezwaar tegen deze passiviteit van de minister van Justitie en Onderwijs.
Het gerecht overwoog dat volgens artikel 41 van Pro de Landsverordening ambtenarenrechtspraak (La) een bezwaar binnen dertig dagen na de geachte weigering moet worden ingediend. De weigering wordt geacht te zijn uitgesproken na het verstrijken van een redelijke termijn, die in deze jurisprudentie op één jaar wordt gesteld. Klaagster diende het bezwaar echter pas na deze termijn in.
Tijdens de zitting op 11 januari 2016 werden geen omstandigheden aangevoerd die de termijnoverschrijding konden rechtvaardigen. Daarom verklaarde het gerecht het bezwaar niet-ontvankelijk. Het gerecht benadrukte dat de minister desalniettemin uit zorgvuldigheid nog steeds gehouden is om op het verzoek te beslissen.
De uitspraak werd gedaan door ambtenarenrechter W.C.E. Winfield op 22 februari 2016. Tegen deze beslissing staat hoger beroep open binnen dertig dagen na de uitspraak.
Uitkomst: Het bezwaar wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de bezwaarperiode.