ECLI:NL:HR:2026:974
Hoge Raad
- Artikel 80a RO-zaken
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart cassatieberoep niet-ontvankelijk in belastingzaak over aanslagen 2017 en 2018
Belanghebbende heeft beroep in cassatie ingesteld tegen het arrest van het Gerechtshof 's-Hertogenbosch van 13 november 2024, waarin het hof het hoger beroep behandelde tegen uitspraken van de Rechtbank Zeeland-West-Brabant over aanslagen inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen voor de jaren 2017 en 2018.
De Hoge Raad heeft de ontvankelijkheid van het cassatieberoep beoordeeld en de klachten van belanghebbende tegen het hofarrest onderzocht. Na advies van de procureur-generaal is geoordeeld dat het cassatieberoep duidelijk niet kan slagen.
Op grond van artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie heeft de Hoge Raad het beroep zonder verdere motivering niet-ontvankelijk verklaard. Er is geen veroordeling in proceskosten opgelegd. Het arrest is op 19 juni 2026 in het openbaar gewezen door raadsheren Faase, Cools en Peters.
Uitkomst: Het cassatieberoep is niet-ontvankelijk verklaard met toepassing van artikel 80a RO.