Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van het cassatiemiddel
3.Beslissing
16 juni 2026.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Hoge Raad
De zaak betreft een hoger beroep tegen een vonnis van de kantonrechter in een strafzaak over onverzekerd rijden. Het hof verklaarde het hoger beroep niet-ontvankelijk omdat het te laat was ingesteld, waarbij het aannam dat het vonnis op 2 januari 2023 in persoon aan de verdachte was betekend. De verdachte had echter hoger beroep ingesteld op 21 september 2023, ruim na de wettelijke termijn.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof onvoldoende heeft gemotiveerd dat het vonnis daadwerkelijk in persoon aan de verdachte is betekend. De akte van uitreiking en het mutatierapport vermeldden alleen het parketnummer, zonder duidelijkheid over welk stuk aan de verdachte was uitgereikt. Ook was niet vastgesteld dat de verdachte anderszins op de hoogte was gesteld van de einduitspraak, wat noodzakelijk is voor het bepalen van de termijn voor het instellen van hoger beroep.
Daarmee miskende het hof dat de dagvaarding niet in persoon was betekend en dat niet was vastgesteld dat de verdachte op de terechtzitting was verschenen of anderszins bekend was met de datum van die zitting. De Hoge Raad vernietigt het arrest en wijst de zaak terug naar het hof voor hernieuwde berechting en beslissing.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en wijst de zaak terug voor hernieuwde berechting wegens onvoldoende motivering over betekening en ontvankelijkheid hoger beroep.