ECLI:NL:HR:2026:861
Hoge Raad
- Artikel 80a RO-zaken
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart cassatieberoep niet-ontvankelijk in belastingzaak
Belanghebbende heeft beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak van het Gerechtshof Den Haag inzake een belastinggeschil. Het hof had eerder een verzoek tot herziening van een uitspraak afgewezen. De Hoge Raad heeft de klachten van belanghebbende beoordeeld en het advies van de procureur-generaal ingewonnen.
De Hoge Raad oordeelt dat het cassatieberoep duidelijk niet kan slagen en maakt gebruik van artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie om het beroep zonder verdere motivering niet-ontvankelijk te verklaren. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Het arrest is gewezen door de vice-president en twee raadsheren en in het openbaar uitgesproken op 5 juni 2026. Hiermee komt een einde aan de procedure in cassatie in deze belastingrechtelijke bestuursrechtelijke zaak.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt niet-ontvankelijk verklaard met toepassing van artikel 80a RO.