Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep
3.Beslissing
14 april 2026.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Hoge Raad
De verdachte werd in hoger beroep niet-ontvankelijk verklaard door het hof vanwege een niet-conform artikel 450.1 Sv ingesteld hoger beroep. In cassatie werd onderzocht of het beroep ontvankelijk was, waarbij de Hoge Raad oordeelde dat het cassatieberoep binnen veertien dagen na de einduitspraak van het hof had moeten worden ingesteld.
De verdachte was op de hoogte van de datum van de terechtzitting van het hof op 27 juli 2022, waardoor de termijn voor het instellen van cassatie op 10 augustus 2022 begon te lopen. Het cassatieberoep werd echter pas op 13 december 2023 ingediend, ruim na de gestelde termijn.
De Hoge Raad concludeerde dat het beroep daarom niet-ontvankelijk is en nam het cassatieberoep niet in behandeling. De uitspraak bevestigt het belang van strikte naleving van termijnen in strafprocedures, ook bij gebruik van valse documenten zoals een Bulgaarse identiteitskaart en rijbewijs.
Uitkomst: Het cassatieberoep is niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de wettelijke termijn.