Uitspraak
1.Procesverloop
2.Beoordeling van het middel
3.Beslissing
20 maart 2026.
Hoge Raad
In deze zaak heeft de moeder cassatieberoep ingesteld tegen een beschikking van het gerechtshof 's-Hertogenbosch betreffende gezagskwesties en het contactrecht met een minderjarige. De vader heeft geen verweerschrift ingediend. De Advocaat-Generaal heeft geadviseerd het cassatieberoep te verwerpen.
De Hoge Raad heeft de klachten van de moeder beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van de hofbeschikking. Daarbij is overwogen dat het niet noodzakelijk is om de klachten inhoudelijk te motiveren, omdat de vragen niet van belang zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie.
De Hoge Raad heeft het beroep van de moeder verworpen en de beschikking van het hof gehandhaafd. De uitspraak is gedaan door de raadsheren Wattendorff, Salomons, Teuben en ter Heide op 20 maart 2026.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de beschikking van het hof over gezag en contact met de minderjarige.