ECLI:NL:HR:2025:499

Hoge Raad

Datum uitspraak
8 april 2025
Publicatiedatum
28 maart 2025
Zaaknummer
23/00210
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 285b lid 1 SrArt. 6 lid 1 EVRM
Verwijzingen
5 uitgaand · 2 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vermindering taakstraf wegens overschrijding redelijke termijn in belagingzaak

In deze zaak stond de verdachte terecht voor belaging van een vrouw die met hem in hetzelfde koor zingt. Hij stuurde haar en haar dochter gedurende ruim een maand meer dan twintig sms- en e-mailberichten met als doel haar te dwingen niet meer naar het koor te gaan. De rechtbank sprak de verdachte vrij, maar het hof veroordeelde hem wegens stelselmatige inbreuk op de persoonlijke levenssfeer met het oogmerk te dwingen.

De verdachte stelde in cassatie onder meer dat het hof ten onrechte had geoordeeld dat sprake was van stelselmatige inbreuk en dat het oogmerk onvoldoende was vastgesteld. De Hoge Raad verwierp deze klachten en bevestigde dat het hof voldoende gemotiveerd had geoordeeld dat het gedrag van verdachte als stelselmatig kon worden aangemerkt en dat het oogmerk uit de berichten bleek.

De Hoge Raad stelde echter vast dat de redelijke termijn was overschreden, waardoor de opgelegde taakstraf van honderd uur en de vervangende hechtenis van vijftig dagen moesten worden verminderd. De Hoge Raad vernietigde het deel van het hofarrest over de strafmaat en bepaalde dat de taakstraf 95 uur bedraagt, met een vervangende hechtenis van 47 dagen. Het beroep werd voor het overige verworpen.

Uitkomst: De taakstraf wordt verminderd tot 95 uur en de vervangende hechtenis tot 47 dagen wegens overschrijding van de redelijke termijn, beroep voor het overige verworpen.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer23/00210
Datum8 april 2025
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 10 januari 2023, nummer 20-003024-21, in de strafzaak
tegen
[verdachte],
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1965,
hierna: de verdachte.

1.Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft de advocaat T. Straten bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld.
De advocaat-generaal D.J.M.W. Paridaens heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2.Beoordeling van het eerste en het tweede cassatiemiddel

2.1
Het eerste cassatiemiddel klaagt over het oordeel van het hof dat de verdachte ‘stelselmatig’ inbreuk heeft gemaakt op de persoonlijke levenssfeer van het slachtoffer. Het tweede cassatiemiddel klaagt over het oordeel van het hof dat de verdachte inbreuk heeft gemaakt op de persoonlijke levenssfeer van het slachtoffer ‘met het oogmerk te dwingen iets te doen, niet te doen en/of vrees aan te jagen’.
2.2
De cassatiemiddelen leiden niet tot cassatie. De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal.

3.Ambtshalve beoordeling van de uitspraak van het hof

De Hoge Raad doet uitspraak nadat meer dan twee jaren zijn verstreken na het instellen van het cassatieberoep. Dat brengt mee dat de redelijke termijn als bedoeld in artikel 6 lid 1 van Pro het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden is overschreden. Dit moet leiden tot vermindering van de opgelegde taakstraf van honderd uren, subsidiair vijftig dagen hechtenis.

4.Beslissing

De Hoge Raad:
- vernietigt de uitspraak van het hof, maar uitsluitend wat betreft het aantal uren te verrichten taakstraf en de duur van de vervangende hechtenis;
- vermindert het aantal uren taakstraf en de duur van de vervangende hechtenis in die zin dat de taakstraf 95 uren beloopt, subsidiair 47 dagen hechtenis;
- verwerpt het beroep voor het overige.
Dit arrest is gewezen door de vice-president V. van den Brink als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en R. Kuiper, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
8 april 2025.