Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van het cassatiemiddel
3.Beslissing
18 februari 2025.
Hoge Raad
De verdachte heeft cassatieberoep ingesteld tegen het arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 9 november 2023. Het hof had eerder uitspraak gedaan in een strafzaak tegen de verdachte, geboren in 1960. Namens de verdachte hebben advocaten een cassatiemiddel voorgesteld. De advocaat-generaal heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De Hoge Raad heeft de ingebrachte klachten beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het arrest van het hof. De Hoge Raad achtte het niet noodzakelijk om de motivering van dit oordeel te geven, omdat de vragen niet van belang zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie.
Daarom heeft de Hoge Raad het cassatieberoep verworpen. Het arrest is gewezen door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter en de raadsheren M. Kuijer en T. Kooijmans, en uitgesproken tijdens een openbare terechtzitting op 18 februari 2025.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt het arrest van het gerechtshof.