Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:HR:2025:1831

Hoge Raad

Datum uitspraak
9 december 2025
Publicatiedatum
3 december 2025
Zaaknummer
24/01395
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 312.2.2 SrArt. 81 lid 1 Wet RO
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verwerpt beroep medeplichtigheid woningoverval met diefstal bitcoins

De zaak betreft een gewelddadige woningoverval waarbij bitcoins werden gestolen. Verdachte werd door het hof Arnhem-Leeuwarden veroordeeld voor medeplichtigheid aan medeplegen diefstal met geweld door zich voor te doen als medewerker van een telecommunicatiebedrijf en te fungeren als chauffeur. Hij bracht een medeverdachte naar de woning, bleef in de auto wachten en bracht deze daarna weer thuis.

In cassatie stelde verdachte klachten over zijn medeplichtigheid, maar de Hoge Raad oordeelde dat deze klachten niet tot vernietiging van het arrest konden leiden. De Hoge Raad vond het niet nodig om de motivering te geven omdat de klachten geen vragen opriepen die van belang zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht.

De advocaat-generaal had geconcludeerd tot verwerping van het beroep, hetgeen de Hoge Raad volgde. Het arrest werd gewezen door de vice-president Borgers als voorzitter en raadsheren Caminada en Kuiper, en uitgesproken op 9 december 2025.

Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen; verdachte blijft veroordeeld voor medeplichtigheid aan medeplegen diefstal met geweld.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer24/01395
Datum9 december 2025
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 29 maart 2024, nummer 21-005288-22, in de strafzaak
tegen
[verdachte],
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 2001,
hierna: de verdachte.

1.Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft de advocaat P.A. van der Waal bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld.
De advocaat-generaal V.M.A. Sinnige heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2.Beoordeling van het cassatiemiddel

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie).

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren C. Caminada en R. Kuiper, in bijzijn van de waarnemend griffier B.C. Broekhuizen-Meuter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
9 december 2025.