Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van het cassatiemiddel
3.Beslissing
7 oktober 2025.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Hoge Raad
De zaak betreft een verdachte die werd veroordeeld voor mishandeling van zijn ex-vriendin door haar te schoppen, te slaan en aan haar haren te trekken, alsmede voor vernieling van haar persoonlijke eigendommen zoals telefoons, paspoort, bankpassen en een ketting.
In cassatie werd betoogd dat het hof ten onrechte de verklaringen van de aangeefster als bewijs had gebruikt, omdat de verdediging geen mogelijkheid had gehad tot ondervraging van deze getuige, wat volgens de verdachte een schending van het recht op hoor en wederhoor zou zijn.
De Hoge Raad heeft deze klacht beoordeeld en geoordeeld dat het cassatiemiddel niet leidt tot vernietiging van het arrest van het hof. De Hoge Raad ziet geen noodzaak om nadere motivering te geven, omdat de klacht niet van belang is voor de rechtsontwikkeling of eenheid van het recht.
Daarmee wordt het beroep van de verdachte verworpen en blijft het arrest van het hof Amsterdam in stand.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het arrest van het hof Amsterdam blijft in stand.