Uitspraak
1.Procesverloop
2.Beoordeling van het middel
3.Beslissing
3 oktober 2025.
Hoge Raad
In deze civiele zaak stond de aansprakelijkheid en zorgplicht van een register valuator centraal. Eisers DEM c.s. voerden beroep in cassatie aan tegen een arrest van het gerechtshof Amsterdam, waarin hun vorderingen waren afgewezen.
De Hoge Raad heeft het cassatieberoep van DEM c.s. beoordeeld en geoordeeld dat de klachten tegen het arrest van het hof niet leiden tot vernietiging. Daarbij was het niet noodzakelijk om de motivering van het oordeel te geven, omdat de vragen niet relevant waren voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie.
De Hoge Raad heeft het beroep verworpen en DEM c.s. veroordeeld in de kosten van het cassatiegeding, waaronder verschotten en salaris advocaat, vermeerderd met wettelijke rente bij niet-tijdige betaling.
De uitspraak werd gedaan door de vicepresident M.J. Kroeze als voorzitter en de raadsheren A.E.B. ter Heide en F.R. Salomons, en in het openbaar uitgesproken door raadsheer A.E.B. ter Heide op 3 oktober 2025.
Uitkomst: Het cassatieberoep van DEM c.s. wordt verworpen en zij worden veroordeeld in de kosten van het cassatiegeding.